De wet van 29.07.1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen en latere wijzigingen.
De wet van 04.09.2002 houdende toewijzing van een opdracht aan het OCMW inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke dienstverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering.
Het decreet lokaal bestuur van 22.12.2017, latere wijzigingen en uitvoeringsbesluiten.
Het bestuursdecreet van 07.12.2018.
Jaarlijks financieert het Energiefonds een opdracht aan de OCMW's. De centra moeten daarmee de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering verzekeren. Zo kunnen zij cliënten helpen die betalingsmoeilijkheden ondervinden door achterstallige rekeningen aan te zuiveren en/of maatregelen te nemen voor een preventief sociaal energiebeleid. De middelen voor 2024 bedragen € 2.803,49.
Bestedingswijze:
De gerechtigden:
De toekenning gebeurt, rekening houdend met het aantal personen aanwezig in het gezin. Worden niet meegerekend: gezinsleden welke zelf een inkomen hebben. Er wordt een maximumbedrag van € 150,00 voorzien per gezin.
Referentieperiode: Vanaf 01.11.2023 tot en met 31.10.2024. In het Bijzonder Comité Sociale Dienst van 5 december 2024 zal een beslissing worden genomen omtrent de individuele toewijzingen.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn wordt gevraagd kennis te nemen van het bedrag dat voor 2024 door het Energiefonds wordt toegekend, en het voorstel van de bestedingswijze goed te keuren.
De Raad voor maatschappelijk Welzijn neemt kennis van het bedrag dat voor 2024 door het Energiefonds wordt toegekend en het voorstel van de bestedingswijze, en keurt deze goed. Het bedrag van € 2.803,49 wordt verdeeld onder de meest hulpbehoevenden inzake energielevering.
Bestedingswijze:
De gerechtigden:
De toekenning gebeurt, rekening houdend met het aantal personen aanwezig in het gezin. Worden niet meegerekend: gezinsleden welke zelf een inkomen hebben. Er wordt een maximumbedrag van € 150,00 voorzien per gezin.
Referentieperiode: Vanaf 01.11.2023 tot en met 31.10.2024. In het Bijzonder Comité Sociale Dienst van 5 december 2024 zal een beslissing worden genomen omtrent de individuele toewijzingen.